Woordenboeken

Woordenboeken heb je weleens nodig om de betekenis van een woord in een vreemde taal te kunnen opzoeken. Maar ook voor idiomatische en grammaticale verklaringen zijn ze soms nuttig.

Welke woordenboeken kun je gebruiken?

Op school hebben wij de Prisma en een enkele Van Dale in hardcopy liggen. Maar ook op internet zijn er woordenboeken te vinden.

Mijn 5V klas kwam met een nuttige en handige aanbeveling: Interglot vertaald o.a. van en naar het Engels, Duits, Frans en Nederlands.

Onder IATE vinden jullie het woordenboek van de EU, met alle 23 officieele talen. Deze terminologiedatabase IATE van de EU kun je goed gebruiken voor bronnen zoals contracten en meer officieele teksten. Stel dat je iets over de Europese Mededingingsautoriteit leest en je wilt weten wat dat eigenlijk is. Onder  http://www.woerterbuch-portal.de/ vinden jullie een hele verzameling van links naar online woordenboeken. Op het portal kun je in de linkercolom DWDS aanvinken, het Digitale Wörterbuch der Deutschen Sprache des 20. Jahrhunderts of het Grimmsche Wörterbuch, dat al sinds de 19e eeuw bestaat. Het oogt op het eerste gezicht wel ingewikkeld maar als je spelenderwijs aan de slag gaat wijst het zich vanzelf.

Heb je ook wat grammaticauitleg nodig, dan kun je in je methode, bij vaklokaal Duits, bij www.duits.de of bij http://www.canoo.net/ terecht. Of bij je docent natuurlijk.