CKV Literatuur – Middeleeuws verhaal schrijven
CKV Literatuur
Middeleeuws verhaal schrijven
Lang, lang geleden, in het koninkrijk van koning Harold II, te Engeland, was er een prinses; Jonkvrouw Violet Godwinson. Dochter van koning Harold Godwinson II en koningin Gytha, dochter van koning Sweyn I, te Denemarken.
Koning Harold II was een groot man met veel aanzien. Het volk vertrouwde hem en alles wat hij zei was dan ook waarheid, volgens de mensen. Hij had vele ridders onder zich, maar vond geen van allen waardig genoeg om in de ogen te kijken.
Op een dag liep princes Violet met ridder Etmund het hof binnen, kwam voor de koning’s troon en sprak. “Vader. Ik wil u voorstellen aan ridder Etmund.” Ik kon het gesprek niet helemaal volgen, maar dit kon ik wel verstaan. “Met alle respect, vader en moeder. Ik wil met deze man trouwen.” Ze spraken nog even en opeens werd de koning woest. Zijn vrouw, Gytha, zat verontrustend te kijken. De wachters moesten ridder Etmund uit het kasteel gooien en Violet moest geëscorteerd worden naar haar kamer. Koningin Gytha overtuigde haar man om de straf hierbij te laten.
Zelfs na wat hier gebeurt was bleven prinses Violet en ridder Etmund met elkaar omgaan. Ik wist hier de hele tijd van, maar ik had geen bewijs om het de voor de troon te legen. Als ik het had, zou ik meer zijn dan alleen een schildknaap. Het gaat immers om zijn dochter.
Zes maanden waren er verstreken en ik had nog steeds geen bewijs, maar er brak een dag aan dat mijn ridder ietwat onverzorgd bezig was. Hij moest 2 weken weg om te dienen als scout, maar ik moest voor hij weg ging zijn paard en uitrusting nog op orde stellen. Hij had een tas achtergelaten. Ik zag er een rol uitsteken. Uit “interesse” voor mijn ridder begon ik het te openen en te lezen.
“Mijn jonkvrouwe. Mijn schoonheid. Elke dag als ik jou zie, komt geluk in mij op. Elke dag als ik aan jou denk, komt schijnt het leven mij toe. Zo hard als ik mijn best doe, het lukt mij niet om mijn liefde voor jou te beschrijven.
Mijn liefde, de volgende twee weken zal ik je niet zien. De koning heeft Egbert en mij aangewezen om het gebied aan de noordkust te verkennen. Dit zal jou allemaal wel bekend zijn. Dit is de 3de poging van de koning om te verkennen, maar wij zullen onze taak volbrengen. Ik zal wederkeren en ons geheim samen met jou voortzetten.
Prinses, ik kan nog wel tijden doorschrijven, maar de zon komt alweer bijna op. In gedachte deed ik dit in dicht, maar nu kan ik alleen mij gevoel in een brief proberen te legen.Over twee weken, wanneer de zon weer opkomt, zal ik jou de kus geven die jou toebehoort.
Etmund”
Ik rende zo als kon naar de koning en gaf hem de brief.
Woedend schreeuwde de koning ridder Etmund en zijn dochter de zaal in. “Wie is de persoon die mij dit nieuws bracht?” vroeg de koning. “Ik, uwe majesteit.” “Wie zijt gij, jongeman?” “Ik ben Beertnt. De 18 jarige schildknaap van ridder Etmund. Beertnt is mijn naam Hoogheid.” Er viel een doodse stilte. Opeens fluisterde de koningin wat tegen de koning.
“Ridder Etmund en zijn schildknaap Beertnt zullen over 3 dagen een executie ondergaan voor het negeren van mij bevel en voor het veraad. Direct na de executie zal Violet in de hoogste kerker opgesloten worden, omdat gij het bevel van de koning, uw vader, genegeerd hebt. Gij zijt mijn dochter nimmer meer!”
Hier eindigt het verhaal van Etmund en Beertnt. Maar jonkvrouwe Violet is nog springlevend in een kerker. Drie jaar lang zat ze opgesloten. Het koninkrijk was de prinses al lang vergeten. Op een dag werd het koninkrijk van Harold II ingenomen door de barbaren, die aan de noordkust hun basis hadden gesetteld. Een van de mannen vond de jonkvrouwe in de hoogste kerker. Ze namen haar mee als gevangene. De prinses was verbijsterd van het beeld wat ze zag toen de het kasteel uit liepen. Alles was platgebrand. Niets was meer wat het leek. Je hoorde kinderen schreeuwen, maar het deed haar niets. Alles waar ze om gaf was drie jaar geleden weg genomen.
De barbaar die de prinses meegenomen had vond een brief in haar haar. De brief vertelde het hele verhaal opnieuw, maar op de achterkant stond iets wat bedoeld van voor haar liefste.
“Mijn liefste,
Ik kan niet zonder u. Ik doe mijn best, maar wat moet ik nu?
Wat voor bestaan moet ik nu leven? Aan wie moet ik mijn liefde nu geven?
Geen persoon die nu nog met mij iets wilt delen. Want mijn hart verlangt alleen naar u.
Het gemis is mij veel te zwaar. Wat is mijn lot, is het eindelijk klaar?
Ik hoopte dat onze bestemming niet voortluchtig hoefde te leven.
Maar het lot is niet te wijzigen, daar is niet mee te spelen.
In mijn dromen blijf ik u nog altijd herdenken, tot de tijd van het veraad. Ik kan niet verder denken.
Ik blijf telkens maar hopen dat ik uit mijn nachtmerie ontsnap. Dat de waarheid naar boven komt en onze liefde zich hervat. Er is niets liever dan dat mijn wens in vervulling gaat. Voor nu leeft mijn hart in diepe triest, todat mijn leven een ander pad herkiest.
Vergeef me dat u door mij de dood bent ingegaan. Vergeef me dat u door mij u tijd verspild is gegaan. Mijn bedoeling was gelukkig, in vrede, in harmonie. Niet dat u nu zonder hoofd in de hemel moet wachten op uw oordeel.
Ik heb het verhaal voor u op papier geschreven. Dat geheel de wereld mag weten, want onze liefde was niet te breken. Nu de dood ons scheid, zijn onze gedachte alleen maar breder. Dat wanneer de wereld het over liefde heeft, zij de namen Etmund en Violet als voorbeeld neemt.
Uw liefste,
Violet.”