Ex-Drummer

Schrijver:                                Brusselmans, Herman
Titel:                                       Ex drummer
Jaar van uitgave:                    1994
Bron:                                      Open Boeken
Publicatiedatum:                    01-11-2001
Recensent:                             Luc De Geyter
Recensietitel:                         Ex-drummer
Taal:                                       Nederlands

Samenvatting
Het ik-personage wordt door drie gehandicapte mannen gevraagd om samen met hen een rockgroep te beginnen en deel te nemen aan een prijskamp. Ze noemen hun band « The Feminists », een groep waarin alle leden een handicap hebben. De bassist heeft een stijve arm, de zanger slist, de tweede gitarist is bijna doof en het ik-personage is de drummer, zijn handicap is dat hij niet kan drummen. Als ze bekend maken welke liedjes ze gaan spelen, blijkt één liedje dezelfde titel te hebben als dat van een concurrerende band, en die willen hun lied niet veranderen. Als het ik-personage met de leider van die groep gaat praten, schrijft hij ineens voor hen een nieuw lied, waarna iedereen tevreden is. Behalve het hoofdpersonage zelf dan, want later in het verhaal komt dit lied in de top dertig. Voor ze aan de prijskamp kunnen beginnen wisselen ze regelmatig van roadie, want telkens weer bleek het een homo te zijn, en het ik-personage wou met homo’s zo weinig mogelijk te maken hebben. Als ze dan eindelijk deelnemen winen ze nog ook. Maar als de anderen van de groep door willen gaan met concerten geven, besluit het hoofdpersonage op te stappen. Het ik-personage is geen drummer meer, De Geyter en de moeder van Vanderbeeck sterven. Verder wordt de groep die eerst nogal wat succes had, na het verdwijnen van de drummer niets meer
Literom recensie:
De grootste levende Vlaamse schrijver krijgt bezoek van een vreemd trio met een nog vreemder verzoek. Zij willen dat hij drummer wordt van de band die ze gaan oprichten en die heel bijzonder zal zijn omdat elk lid een handicap heeft. De zanger slist, de bassist heeft een stijve arm, de gitarist is potdoof. De enige die niet voor de vuist weg een handicap kan geven is de verteller zelf, maar gelukkig stemmen de anderen ermee in dat niet kunnen drummen een ernstige tekortkoming voor een drummer is. De band wil bovendien in alles een unicum hebben: de zanger heeft in de gevangenis gezeten wegens geweldpleging tegen vrouwen, de bassist is homo, de gitarist getrouwd en vader. Het feit dat de verteller beroemd is, maakt ook hem uniek binnen de bandleden. Wat hem ook tamelijk exclusief maakt is dat zijn vrouw Lio ongelooflijk mooi en aantrekkelijk is en dat zij heel veel van elkaar houden. Zo raakt de minister van Hygiëne, zelf met een niet onaardige dame gehuwd, helemaal in de ban van Lio en hij wil absoluut een afspraakje met haar maken. En al heeft het glorieuze koppel geen bezwaren tegen triootjes, ze voelen er weinig voor om zich met de minister in te laten.
De eerste repetities van The Feminists (lichtelijk ironisch gekozen naam voor de groep) verlopen bijzonder vlotjes, hoewel de drums niet slecht genoeg waren. De moeder van de bassist komt zich steeds met de band bemoeien en zal zich uiteindelijk opwerpen tot manager van de groep. Wanneer het verwaarloosde dochtertje van de gitarist doodgaat, stort die in en belandt hij in een afkickcentrum. Een vervanger wordt het nieuwe vriendje van de bassist die niet slecht op de gitaar speelt. Het hoogtepunt voor The Feminists wordt het allereerste rockconcours georganiseerd in Sleidinge. Binnen de filosofie van de groep zal het ook hun enige optreden worden. Wellicht tot niemands verbazing winnen zij de wedstrijd, omdat ze alle andere deelnemers moeiteloos overklassen. De enige band waarvan nog enige concurrentie te vrezen valt heet ‘Harry Mulisch’, waarvan de zanger Dikke Lul zijn naam letterlijk noch figuurlijk heeft gestolen. Het exhibitionistische gedrag van de vocalist breekt hem zuur en vooral pijnlijk op als hij bij het dichtritsen van zijn broek het tweede deel van zijn naam tussen de tanden van de rits klemt. De gevolgen zijn desastreus, want zijn monsterlijke lid wordt daarna nog groter omdat er wild vlees begint te groeien op de wonde. In al zijn behulpzaamheid weet de verteller echter een oplossing die zowel hem als Dikke Lul ten goede zal komen. Een van de meisjes waarmee hij en Lio wel eens de lakens deelden, blijft hem opbellen. Zij maakt een scriptie over collectief verdriet, maar het valt haar niet makkelijk om mensen te laten antwoorden op de vraag wat ze dachten toen ze hoorden dat koning Boudewijn overleden was. Hij vertelt haar het gefantaseerde verhaal over de koning van Siam, uitvinder van het cynisme. Die koning is een bijzonder mens, maar heeft een ongelukkig liefdesleven omdat hij zo bijzonder groot geschapen is en wanneer de verteller Kristien voorstelt om haar te introduceren bij de koning van Siam, hapt ze onmiddellijk toe. Hij neemt haar mee naar Dikke Lul, die haar verkracht. Kristien belandt eerst in het ziekenhuis, daarna in de psychiatrie.
Ook het hoofdstuk The Feminists blijkt niet afgesloten, want na het succes in Sleidinge wil de groep verder gaan. Dat bevalt de verteller niet, maar zijn plaats wordt onmiddellijk ingenomen door nog een ander vriendje van de bassist. De zanger van de groep, Koen De Geyter, heeft een verhouding gehad met de moeder van de bassist (Verbeeck), maar die is afgelopen. Zij was de enige vrouw die hij niet mishandelde – zijn afwijking was psychologisch en ingegeven door televisiebeelden van concentratiekampen, waardoor hij naakte vrouwen steeds ging associëren met geweld op die vrouwen -, omdat ze hem deed denken aan de kampbewakers en ze zelfs de aangepaste uniformen daarvoor had. Haar man, een ex-sergeant en schietinstructeur, werd door het leger met rust gestuurd omdat er steeds op hem geschoten werd. Nu is hij de gevangene van zijn vrouw, die hem voortdurend in een dwangbuis opgesloten houdt. De Geyter is ook zijn plaats in de groep kwijt.
De verteller roept de hulp in van De Geyter om wraak te nemen op moeder Verbeeck. Ze bevrijden de man uit zijn dwangbuis en de verteller steekt De Geyter in de rug, “omdat ik iets heb tegen kale klootzakken”. Wanneer Verbeeck en zijn moeder thuiskomen, wacht de vader hen op en schiet hij zijn echtgenote en zichzelf dood. Intussen loopt de minister van Hygiëne nog ongestraft rond, de verteller en Lio beramen een plannetje. Zij zal met hem gaan dineren en zich laten meetronen naar zijn huis, maar ze draagt een microfoon met zendertje. Op het cruciale moment valt de verteller binnen en verbrijzelt de minsteriële voet met een koevoet. Sabine, de gekwelde echtgenote van de minister, zoekt zelf het gezelschap van het schitterende paar op en na een geweldig partijtje vrijen met zijn drieën en een gesprek waaruit ook de afwijkende seksuele voorkeuren van haar echtgenoot blijken, besluit men de kerel een koekje van zijn eigen deeg te geven. Hij houdt van een variant van wurgseks, waar plastic zakjes bij te pas komen, maar zal zelf stikken als Sabine vertikt de zak tijdig los te maken. Officieel overlijdt hij aan een hartstilstand.
Het verhaal eindigt zoals het begonnen is: de verteller en Lio kijken geboeid naar Het Rad van Fortuin en liggen daarna samen in bed.

 

Bespreking
Het cynisme uit de vorige delen van de ‘ex’-trilogie wordt hier gewoon voort gezet. “Ik ben zo cynisch omdat ik zo geboren ben, denk ik. [...] Niet cynisch zijn lijkt me trouwens een geestelijke toestand waar je op den duur gek van wordt.” Voor dat cynisme geeft hij ook een uitleg aan het meisje Kristien, voor wie hij het verhaal van de koning van Siam verzint en permanent uitbreidt. De uitleg voor het ontstaan van het cynisme baseert hij op een bijzonder kromme redenering, maar omdat het wicht het niet aandurft te twijfelen aan de beweringen van de verteller, slikt ze het verhaal als zoete koek. Cynisch is ook de vaststelling dat de losers die de band vormen, allemaal werkloze universitairen zijn. Twee van hen hebben psychologie gestudeerd en liggen danig met zichzelf en hun seksualiteit in de knoop. Echt goed komt het trouwens niet met die psychologen, alleen de dove Van Dorpe heeft aan het einde van de roman betere perspectieven, omdat hij, nadat hij afgekickt is, als enige van de bende door de verteller gesteund wordt. Weliswaar is hij op dat ogenblik én zijn vrouw én zijn dochtertje kwijt. Dat eerste lijkt een goede zaak, want Van Dorpes vrouw behoort tot het slag dat de verteller niet aantrekkelijk vindt. Cynischer is dat de dood van het kind door de verteller ook als niet slecht wordt ervaren, omdat het toch geen liefde kreeg. Hij had trouwens al gesuggereerd dat hij het meisje had kunnen helpen door het te wurgen.
Meten met een dubbele standaard behoort ook tot de geplogenheden van de verteller. Even kort op een rijtje: de minister is een smeerlap, want hij begluurt Lio en “leek per se te willen ontdekken of ze wel of niet een slipje droeg”. Twee bladzijden eerder verklaart de verteller zelf: “Ik vergat na te gaan of ze een slipje aanhad of niet. Soms vergeet ik het.” De triootjes die Lio en hij met andere vrouwen hebben, zijn normaal; wanneer Sabine (de ministersvrouw) zegt dat haar man anderen mee naar huis nam, is dat verwerpelijk. Als het op geweld aankomt, dan is dat altijd verkeerd, behalve wanneer het door de verteller wordt gepleegd. De deelnemers aan het Rad van Fortuin zijn debielen, de verteller en Lio zeer trouwe kijkers. Zelfs in de relatie moeder-zoon heerst die dubbelzinnigheid. Over de eigen (overleden) moeder valt geen kwaad woord, maar twee van de andere bandleden hebben hun handicap precies aan de dominantie van hun moeder te wijten. Bij hen leidde de moederbinding onmiskenbaar tot frustraties, want Van Dorpe is pas doof geworden nadat hij aan de slaapkamerdeur van zijn moeder luisterde terwijl zij zich in bed bevond met een
andere man. Verbeeck koestert bewondering voor zijn moeder die in zijn plaats beslissingen neemt, maar hij mijdt andere vrouwen en zoekt seksuele bevrediging bij andere mannen. Zijn stijve arm dateert van het ogenblik dat zijn moeder hem betrapte bij het masturberen. Wanneer je de lijn doortrekt, kan je ook de schuld voor de dood van Van Dorpes kind aan de moeder toeschrijven.
De obligate herhalingen ontbreken niet in ‘Ex-drummer’. De vrouwen die bekend zijn evenmin: “Phoebe, Gloria, mijn moeder, de drie godinnen van mijn leven”. De band ‘Harry Mulisch’ wordt reeds vermeld in ‘Ex-minnaar’. Een zichzelf voortdurend herhalend thema is ook het Werk van Herman Brusselmans en de verwijzingen daarnaar zijn legio. Overal waar de verteller zich vertoont wordt hij aangeklampt door mensen die zijn boeken gelezen hebben en hem daar op attent willen maken. Men herkent hem ook van de televisie en zoals het een BV betaamt, ergert hij zich daaraan en pretendeert hij daarom een ander te zijn. Leuk is wel dat Brusselmans de titels van zijn vorige meesterwerken hier ook vervat in de nummers van een andere deelnemende band aan de rockwedstrijd van Sleidinge. Lets Kuttekrap speelt volgende nummers: Gorgeous Eyes, Diary of a Tired Egoist, Fly For Me, The Senseless Sailing en The Beautiful Puking Girl. Ze hebben helemaal geen succes, integendeel. Niet iedereen kan van zulke titels meesterwerken maken.
De drie delen van de ‘ex-trilogie’ apart beschouwend, valt de stilistische verscheidenheid wel op. In ‘Ex-schrijver’ wordt op een bijna overdreven manier beschreven, zodat de stijlfout ‘woordovertolligheid’ verheven wordt tot stijlfiguur. In ‘Ex-minnaar’ val je binnen het gewone Brusselmansproza, d.w.z. de gekende plastische taal die hem zo eigen is, aangevuld met de noodzakelijke oneliners. In ‘Ex-drummer’ worden de hoofdstukken in korte scènes gehakt, zodat het ritme verandert. Oneliners leveren soms stof tot nadenken, al vinden veel recensenten de diepzinnigheden die Brusselmans poneert nogal oppervlakkig.

Mee eens en niet mee eens:

Mee eens: “Cynisch is ook de vaststelling dat de losers die de band vormen, allemaal werkloze universitairen zijn.”
Ik ben het hier mee eens omdat iedereen in de band gestoord is. twee hebben psychologie gestudeerd maar hebben zelf grote psychologische problemen. Door hun manier van doen wekken allemaal de indruk dat het niet goed zal komen aan het eind van het verhaal
Niet mee eens: “De uitleg voor het ontstaan van het cynisme baseert hij op een bijzonder kromme redenering”.
Ik ben het hier niet mee een omdat de uitleg geen “kromme redenering” is.
Er zit namelijk niet eens een redenering achter. De verteller verzint het allemaal en doet zo alsof er een redenering achter zit. In werkelijkheid is het bijna een losstaand verhaal opzich.

Mijn mening:

Om te beginnen vind ik het een apart boek. Ik vond het een vervelend psygologisch boek en vooral de stukken waarbij hij over de koning van siam vertelde aan Kristien waren erg langdradig. Veel spanning zat er ook niet in.

 

Wat me duidelijk opviel was dat de ik-persoon en zijn vrouw Lio iedereen een klootzak vinden. Maar zelf is de ik-persoon de grootste klootzak.
Zelf ben ik gelukkig nog nooit met dat soort mensen in aanraking gekomen maar ze zullen er ongetwijfeld zijn, daarom denk ik dat het verhaal redelijk realistisch is geschreven.

 

De uitbarstingen (zoals toen hij zijn eigen drumstel kapot sloeg toen hij hoorde dat de bent doorging maar hij niet door wilde) verrassen me wel.  Ik vind ze onrechtvaardig.

 

Ik kon niet met de ik-persoon (hoofdpersoon) meeleven. Ook kon ik zijn gedachtegang niet echt volgen. Ik vond het moeilijk om me in de hoofdpersoon te verplaatsen.

 

Het taalgebruik was erg grof. Er word bijna op elke pagina wel één of twee keer gescholden of gevloekt.

 

Het stuk dat ze de minister van hygiëne gingen terug pakken heeft wel indruk op me gemaakt. Daarbij vond ik de klap met de koevoet op zijn voet het minste wat hij verdiende.
Ook het stuk waarbij hij samen met de Geyter inbrak in het huis van verbeek en zijn vader bevrijde uit de dwangbuis. Waarna de ik-persoon een mes in de rug van de geyter stak.
Later hoorde de ik-persoon dat de vader van Verbeek (die ze hadden bevrijd) zichzelf en de moeder van Verbeek dood schoot op die zelfde dag.

 

Het verhaal was niet moeilijk om te lezen maar een leuk verhaal was het niet. Er zit weinig gevoel en de afloop is niet erg spannend. Het enige waar de ik-persoon om geeft is zijn vrouw en zichzelf.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>