Wet van Ohm

2 maart 2012

Wet van Ohm

Wet van Ohm

2 maart 2012

1e product

21 december 2011

Elektriciteit:

Doormiddel van een beweging kan je energie maken. Hoe sneller de beweging hoe meer energie. Bewegingsenergie

Alles is gemaakt van atomen.

Een atoom bestaat uit:

Protonen – positief

Neutronen – neutraal

Elektronen – negatief

Een atoom is altijd neutraal. Er zijn dus altijd even veel protonen, neutronen en elektronen.

Als een elektron van de naar een andere atoom springt, dan is er energie. Want een atoom is altijd neutraal dus dan zal de elektron steeds naar een ander atoom springen.

Koper is een element.

Dynamo heeft koper en een magneet.

De magneet trekt elektronen aan. Door de beweging van de magneet die om zijn eigen as draait dan gaan de elektronen mee. Hoe sneller de elektronen gaan hoe hoger de stroom is.

Stroom – Ampère – A

Spanning – Volt – V

Weerstand – Ohm – Ω

Je krijgt pas stroom als de elektronen zich vrij kunnen bewegen. Ze moeten van punt A naar punt B kunnen en weer van punt B naar punt A. Dat noem je een stroomkring.

Stroom met elektronen is een wisselstroom. De elektronen gaan steeds een andere kant op omdat ze steeds aangetrokken worden door de polen.

Stoffen waar elektronen makkelijk doorheen kunnen verplaatsen noem je geleiders.

Stoffen waar elektronen niet makkelijk doorheen kunnen verplaatsen noem je isolatoren.

Bij een batterij heb je geen bewegingsenergie. Je maakt dan gebruik van een chemische reactie. In anode zitten de elektronen. In de kathode zitten geen elektronen. Je krijgt energie doordat er in een stopcontact of wat dan ook een stroomkring word gemaakt. De elektronen kunnen dan vrij bewegen van de athode naar de kathode.

Het zuur erom heen stimuleert het verplaatsen van elektronen.

Metalen geleiden elektriciteit zo goed omdat atomen van metalen een extra elektron. Die extra elektron kan dus makkelijk wegspringen.

Wat is elektriciteit?

Elektriciteit is het heen en weer bewegen van elektronen in een stroomkring.

Schakelingen:

Je hebt twee soorten schakelingen:

-       Parallel schakeling

-       Serie schakeling

Met een parallel schakeling krijgen alle lampjes even veel energie. Dat komt omdat de energie in de schakelingen komt. Wanneer de energiebron 5 volt afgeeft dan krijgen alle lampjes 5 volt. En wanneer één lampje kapot gaat kunnen de andere blijven branden.

Met een serie schakeling krijgen de lampjes niet zoveel stroom als met een parallel schakeling. Dat komt omdat de energiebron zijn energie over de lampjes moet verdelen. Wanneer de energiebron 5 volt afgeeft dan krijgen twee lampjes beide 2,5 volt. En wanneer één lampje kapot gaat dan kunnen de andere lampjes ook niet meer branden.

Hoe laat je twee lampjes het felst branden?

Met een parallel schakeling laat je de lampjes het felst schijnen.

De zuil van volta:

Met de zuil van volta kun je stroom verwekken zonder een elektriciteitsbron te hebben. Dat doe je door energie uit metalen te halen.

Hé mensen!!!

21 december 2011

Dit is de blog van Youri Bruyne van D3V2.

Deze site is nog in bewerking dusss…