Het leven uit een dag

Dit is de twaalfde en laatste recensie en gaat over het boek Het leven uit een dag.

Algemene informatie:

  • Titel: Het leven uit een dag
  • Auteur: A.F.Th. van der Heijden
  • Geschreven in: 1988
  • Uitgever: Querido
  • Druk: Eerste, tweede en derde druk (staat letterlijk in het boek).

Opbouw: 

Het boek is volledig chronologisch opgebouwd. Er zijn geen flashbacks, maar er worden wel grote delen weggelaten van zijn leven. Sinds het leven op aarde zich in een dag afspeelt is een stap van een uur eigenlijk erg groot. Daardoor ontwikkeld de hoofdpersoon (Benny Wult) zich er snel.

Het boek bestaat zowel uit snelle dialogen als lange beschrijvingen. Vooral seksuele (getinte) gebeurtenissen worden erg uitgebreid beschreven, tot wel 18 pagina’s lang. Verder is er weinig sprake van moeilijke woorden.

Samenvatting:

Benny Wult groeit op in een wereld waarin ieder mensenleven slechts één dag duurt en alles ook maar één keer kan gebeuren. Men kan maar één keer dronken worden (een tweede keer dronken worden betekend de dood), geslachtsgemeenschap kan maar één keer geschieden (daarna sterven de geslachtsdelen af), een vrouw kan maar één keer zwanger worden, je kan kleren maar één keer dragen en je groeit letterlijk uit je kleren. Alleen eten herhaald zich; drie keer op de dag. De eerste maaltijd is borstvoeding.

Benny wordt geboren, krijgt de borst en moet al bijna meteen naar school. Het grootste deel van de ochtend wordt op school doorgebracht. Daar krijgen ze onder andere te leren dat de hemel een plek is van een kortstondig genot en de hel een plek van eindeloze herhaling. Daarna krijgen de jongeren meteen hun diploma en kunnen ze gaan werken. Benny gaat naar de luchtmacht en ontmoet in een bar Gini. Ze worden verliefd op elkaar en hebben seks. Ze vinden dit zo lekker dat ze het vaker willen doen, maar dat kan niet daar. Gini is zwanger geworden en hun lichaam zijn begonnen met aftakelen.

Omdat ze de ‘daad’ willen herhalen en de enige plaats waar dat mogelijk is de hel is, hopen Gini en Benny naar de hel gestuurd worden. Benny bedenkt een plan daarvoor door een blinde man dood te steken en daarvoor dan de doodstraf te krijgen. Om zeker van de elektrische stoel te zijn proberen ze zo onsympathiek over te komen. Omdat Gini zwanger is moet de rechtszitting onderbroken worden door de bevalling, waardoor Gini en Benny uit elkaar gaan.

Na zijn executie ontwaakt Benny in de hel. In eerste instantie denkt hij nog op aarde te zijn, dat er iets is misgegaan met de executie, omdat de hel erg op aarde lijkt. In de hel verouderen mensen nauwelijks merkbaar en kunnen alles herhalen. (dus eigenlijk de wereld waar wij in leven). Benny zoekt naar Gini maar die is nergens te vinden. De oude, blinde man die ze vermoord hebben is er wel. Hij raadt Benny aan te werken en zo komt Benny in de prostitutie terecht.

Het leven van Benny begint nu een sleur te worden voor hem. Gini is nog steeds niet te vinden en de voortdurende seks begint hem tegen te staan. Uiteindelijk blijkt Gini in de hemel terecht zijn gekomen, omdat Benny het plan had bedacht om de blinde man te vermoorden. Daarna blijkt dat de blinde man zich expres heeft laten vermoorden om Gini en Benny uit elkaar te drijven.

Persoonlijke mening:

Ik vond het op zich een leuk boek om te lezen. Een wereld waar alles maar één keer gebeurd is een origineel onderwerp voor een boek. Het is niet te snel en ook niet te langzaam vertelt. Al waren er sommige stukken die naar mijn mening wel iets minder… expliciet konden zijn.

Al verlangde Benny noch zo erg naar herhaling van ‘de daad’, uiteindelijk staat het hem heel erg tegen. Maar hij kan niet ontsnappen uit het leven van de hel. De boodschap uit het boek is ook (wat op de derde pagina van het boek staat); “L’enfer c’est la répétition” ofwel; De hel, dat is de herhaling.

Al met al zou ik het boek aanraden, het is best leuk om te lezen en het is een origineel concept (het leven dat maar uit één dag bestaat).

Knorrende beesten

Dit is de elfde recensie en gaat over het boek Knorrende beesten.

Algemene informatie:

  • Titel: Knorrende Beesten
  • Auteur: F. Bordewijk
  • Geschreven in: 1933
  • Uitgever: Nijgh & Van Ditmar
  • Druk: 32e druk

Opbouw:

Waar Blokken een geval apart was, is Knorrende beesten dat ook. De hoofdpersonen in het boek zijn de “knorrende beesten” zelf; de auto’s. Deze worden beschreven als echte levende wezens in plaats van dode, levenloze machines zonder enige vorm van intelligentie. “De beesten waren smetteloos gereinigd. Ze hadden zich volgezogen met moedermelk van hun nafta, hun olie en weer. Hun hart werd beproefd. Het had geen zenuwen.” Je ziet duidelijk dat hier de auto’s worden beschreven als levende wezens.

Daarnaast is de schrijfstijl van dit anders dan die van de andere twee boeken van Bordewijk. Hier wordt alles poëtisch beschreven, waar normaal er hele korte zinnen waren. “De ondergaande zon der hondsdagen zette de kust in een machtig rood. Het rijkelijk bluswater der zee doofde dit trots tafereel. De nachthitte hing op het land, en de dikke zilte geur van de zee, het parfum van een zware vrouw die ruist in ondergoed van zij.” . Het was vooral dit soort bloemrijke vertellingen wat het boek opvulde.

Het boek is net zoals Bint en Blokken geheel chronologisch vertelt. Geen flashbacks of iets dergelijks, maar puur de gebeurtenissen op een rij.

Samenvatting:

Vlakbij een pier, tussen de kleine bars aan de parade bevindt zich een parkeerplaats. Overdag komen veel mensen naar de pier met hun ‘knorrende beesten’, kleine stille dieren en weeldedieren. Parkwachter Bobsien let op zulke dagen op de ‘knorrende beesten’ en als er iets mis mee is gaan ze naar de garage bij de ingang van het park. Als het slecht weer is komen de ‘knorrende beesten’ niet en dan is er geen werk voor Bobsien en zijn vriendin Sofia Eufemia. Maar als er dan op een dag rennen worden gehouden bij de parade is het een drukte van belang. Veel mensen gaan de pier op om de auto’s tegen elkaar te zien strijden en velen beesten sneuvelen. De tweede dag van de beesten worden de beesten versierd met bloemen en wordt er weer een wedstrijd gehouden en iedereen vergeet voor even zijn dagelijks leven. Daarna gaan de beesten weer weg en het wordt stil; het seizoen loopt ten einde.

Mening:

Van de drie boeken van Bordewijk die ik heb gelezen vind ik deze het minst leuk om te lezen. De tekst was bloemrijk, tot overdreven toe. Het maakt dat je nauwelijks meer er iets bij kan voorstellen. Het maakt het boek lastig te lezen. Daarnaast ligt het onderwerp me ook niet. Om eerlijk te zijn heb ik niets met auto’s.

Verder gaat het verhaal ook eigenlijk nergens over. Waar Blokken een beschrijving van een totalitaire staat is, Bint een verhaal is over een school waar stalen tucht heerst, is Knorrende beesten een boek over het parkeerseizoen? Het gaat over dat auto’s op een parkeerplaats komen en over de beheerder van die parkeerplaats. Er vindt geen ontwikkeling plaats en houd geen aandacht vast. Het gaat maar door over nieuwe voertuigen die er komen.

Kortom, ik zou dit boek niet aanraden om te lezen. Van alle werken die ik van Bordewijk heb gelezen vind ik deze het minste.

Blokken

Dit is de tiende recensie en gaat over het boek Blokken

Algemene informatie:

  • Titel: Blokken
  • Auteur: F. Bordewijk
  • Geschreven in 1931
  • Uitgever: Nijgh & Van Ditmar
  • Druk: 32e druk

Opbouw:

Waar er boeken zijn die uit het ik-perspectief of vanuit het hij-perspectief, is dit boek in geen van deze perspectieven geschreven. Het kan eerder gezien worden als een men-perspectief. Er komt geen apart persoon of hoofdpersoon in voor, maar het wordt geschreven vanuit het perspectief van een alwetende verteller. “In andere wijken maakte men gevangen. Enkelen, bekent als aanstichters, werden behoedzaam gegrepen gelijk kostbare pelsdieren. Men schond hun pels niet.”

Waar het boek gaat over een totalitaire staat waar alles bestaat in de vorm van blokken, is het boek ook te zien als in blokken opgedeeld. Het boek is erg geordend, net als de staat die in Blokken wordt beschreven. Het is opgedeeld in 10 hoofdstukken en het boek bestaat uit twee delen (het eerste als een goed werkende totalitaire staat en het tweede deel over een opstand). Elk deel deel bestaat uit 5 hoofdstukken.

Daarnaast is het boek zo geschreven dat het lijkt of het boek ver van de lezer afstaat. Het is zeer onpersoonlijk, zoals de maatschappij waar het verhaal zich in afspeelt. Sinds er halverwege een opstand komt en het dus van een perfect staat naar een onrustige staat gaat, veranderd het taalgebruik ook. De zinnen worden langer (alsnog niet heel lang) en er komen vergelijkingen. Daarvoor waren de zinnen erg kort en beknopt, wat overeen komt met Bordewijk’s schrijfstijl.

Er wordt eigenlijk geen verhaal vertelt, maar er wordt eerdere een situatie beschreven van een totalitaire staat. Er zijn daarom ook geen flashbacks en alles is volledige chronologisch.

Samenvatting:

Het boek beschrijft een maatschappij, de ‘Staat’ genaamd. Het begint met het landen van een vliegtuig. Daarna wordt de staat beschreven; de vierkante architectuur, de kleding, de kalender en de verdere regels. Daarna wordt ook het bestuursorgaan van de Staat de ‘Raad’ beschreven. Waar bijna de hele Staat bestaat bestaat uit blokken en vierkanten is het centrum vanuit vroeger bewaard. Dit gedeelte dient als museum van de kapitalistische staat. s’Nachts is de stadskern verboden gebied, al zijn er mensen die zich in dit gebied laten insluiten en er een schaduwleven leiden.

Later komt ‘groep A’ ter sprake. De Raad wil deze opstandelingen opruimen. Daarna wordt een bijeenkomst van de ‘groep A’ besproken, maar deze groep wordt opgepakt, geëxecuteerd en de opstand wordt neergeslagen. De stadskern wordt daarop vernietigd en er komt het kernplein voor in de plaats. De Raad maakt er een nationale feestdag van waar er drie evenementen plaatsvinden; het lanceren van een ruimteschip, het mijnen van een meteoriet en een kunstmatige luchtspiegeling.

Daarna wordt het economische stelsel van De Staat beschreven. Er bestaat, ondanks dat het verboden is, nog steeds ‘ondeugden’ als geld, juwelen, drank en prostitutie. Deze gebeuren in lege verkeerstunnels. Het boek eindigt met de beschrijving van een militaire parade en De Raad kijkt vanuit een luchtschip erop neer. Het blijkt dat er nog steeds wanorde is, sinds de legeronderdelen niet in de vastgestelde formaties bewegen. Na deze parade heerst er onrust in de stad.

Persoonlijke mening:

Ik vond het een vreemd boek om te lezen. Het is niet een “doornee” boek. Een rare manier van schrijven die ook al is voorgekomen in Bint. Korte zinnen, niet veel bijvoeglijk naamwoorden maar erg kortaf. Dit maakt de zinnen zelf makkelijk te lezen, maar het geheel moeilijk te begrijpen. Het lezen over een totalitair regime was wel erg interessant. Er zijn veel van dit soort dystopische verhalen en elk hebben een andere kijk op een dictatorisch regime in de toekomst. Hier is het dat alles vierkant en uniform moet zijn.

De afstandelijke schrijfstijl zonder hoofdpersonen maakt dat je het lastig een leuk boek kan vinden. Er zijn geen emoties van hoofdpersonen of hoofdpersonen waar je je in kan inleven. Puur een beschrijving van een situatie.

Dit maakt dat ik het niet zou aanraden om te lezen, maar als je geïnteresseerd bent in dystopische boeken, is het wel een boek waar je naar zou moeten kijken.

Het verrotte leven van Floortje Bloem

(Recensie van de literatuur-magazine opdracht)

Het (zeer) verrotte leven van Floortje Bloem

Titels van boeken bestaan uit twee verschillende soorten: Titels die een diepe betekenis hebben en titels die samenvatten waarover het gaat. Dit boek is duidelijk de laatste categorie. Het gaat over een kind; Floortje Bloem, die een zeer verrot leven heeft. Bijna niets gaat goed. Zelfs als iets goed lijkt te gaan, eindigt dat in ramp.

Het begint al bij haar geboorte. Haar moeder is bij haar tante Gerda ingetrokken samen met haar zusje Beppie. Een ander kind kan de moeder niet aan. Daarom wordt Floortje afgestaan. Eerst komt ze in een redelijk rijk pleeggezin, maar daar werd ze erg vrijgelaten. Ze raakte erg gehecht aan haar pleegvader, maar toen die overleed in een auto-ongeluk kon haar pleegmoeder het niet meer aan. Haar nieuwe pleeggezin had het niet zo ruim en was goed streng. Floortje was alleen niet meer te houden. Ze was erg vies, kleverig en brutaal. Ook dit pleeggezin kon het niet meer aan en stuurden haar naar een observatiehuis.

Hier heeft ze een grote mond en heeft ze overal iets over te zeggen. Ze gaat naar een ander tehuis, maar ook hier ligt ze buiten de groep. Elk lichtpuntje in haar leven wordt zo uitgedoofd doordat er weer iets misgaat. Ze komt bij een gezin waar ze voor de vakanties en weekenden mag blijven, maar de jongste zoon van dat gezin rand haar aan, waarna ze daar niet meer terug wil komen. Als ze uiteindelijk haar natuurlijke familie ontmoet lijkt het goed te gaan, maar ze ontmoet samen met een vriendin van school een pedofiel, die ze naar zijn flat neemt en op schoot laat zitten. Na een tijdje wordt de pedofiel opgepakt en het nog erger met Floortje. Ze gaat van tehuis naar tehuis en gaat uiteindelijk aan de drugs. Haar zoektocht naar haar zus, waar ze sinds het ontmoeten van haar natuurlijke familie goed mee kan vinden, brengt haar naar Rotterdam, waar Floortje in de prostitutie beland om haar drugs te betalen en te kunnen leven. Zodra Floortje haar zus heeft gevonden lijken de problemen een stuk minder te zijn geworden, maar het gaat alleen maar bergafwaarts en aan het eind is haar dierbaarste bezit (haar knuffelkonijn) uit het raam gegooid en in de bosjes beland waarna Floortjes zus al haar geld stal.

Yvonne Keuls heeft knap werk gedaan door een boek te schrijven die gebaseerd is op waargebeurde verhalen en realistisch is. Ook is het geschreven uit verschillende perspectieven, aangegeven door sterretjes. Zo zie je het verhaal van verschillende gezichtspunten, bijvoorbeeld uit die van Sjon (een vriend van Floortje, Beppie, Floortjes moeder en tante Gerda. Dit geeft het boek niet een eenzijdig perspectief, waarbij je alleen de gedachten van de hoofdpersoon kan zien. Door het verhaal van verschillende kanten te belichten geeft het een sterke belevenis van de werkelijkheid. Het verhaal is geheel in het ik-perspectief geschreven, zowel het perspectief vanuit Floortje als van de andere personages. Zo ontstaat een helder beeld van de persoonlijkheid van de personages, welk goed zijn uitgewerkt en door het boek heen niet erg veranderen.

Naast de verschillende perspectieven om het boek realistisch te maken, helpt haar schrijfstijl ook erg. De gedachten van Floortje komen dicht bij hoe echte gedachten zijn; een beetje warrig. Waar veel boeken alleen gedachtestappen laten zien die zo snel mogelijk naar een volgende actie leiden, gaat Keuls hier dieper op het personage in. Gedachten die opkomen als iets gebeurd worden opgeschreven alsof ze echt uit iemands hoofd komen. De manier waarop de gedachten zijn opgeschreven zijn typerend voor het karakter van Floortje. Korte zinnen, met snel opeenvolgende emoties maakt Floortje tot wie ze is. “ ‘Ik heb helemaal niemand,’ huilde ik en dat was heel gek, want ik hoefde niet meer te doen alsof. Ik had het oortje van mijn konijn tegen mijn neus geduwd en stond écht te huilen. ‘mijn zusje is weggegaan, mijn tante daar kan ik niet meer naar toe, bij mijn moeder mag ik alleen terugkomen als ik clean ben… Joh, wat heeft het voor zin dat ik nog blijf leven?’ “. Naast de stijl van de gedachten, trekt door de stijl het boek je ook mee in Floortjes verhaal. Je voelt je betrokken bij haar lot en kunt je voor je hoofd slaan als ze voor de zoveelste keer een fout maakt.

De tijd waarin het boek zich afspeelt is niet letterlijk genoemd. Omdat het boek is gepubliceerd in 1982, speelt het zich waarschijnlijk ook rond die tijd af. Je ziet dit terugkomen in de context van het verhaal. Technologische ontwikkeling was nog niet zo ver als het nu is. Wat ook leid tot het verpest worden van Floortje haar leven. Dezer tijden is er een betere opvang voor kinderen met een probleem en worden ze niet zo aan hun lot overgelaten als toen. Dit statement wilde Keuls ook met haar boek maken. Aandacht voor de zogenaamde heroïnehoertjes. Deze konden geen kant op, ook al wouden ze afkicken. “Ik zou best willen afkicken, ik ben nou vijftien jaar en ik wil best kappen met dit verrotte leven. Maar ik ben als de dood dat ze mij dan met een KZ-verklaring in een gekkenhuis gaan stoppen Want ze kunnen toch niets anders? Heroïnehoertjes passen nergens bij en er is toch niks b voor meiden als ik?” Dit zijn woorden van Klaartje, een meisje waar Keuls tijdens en voor het schrijven van haar boek contact mee heeft gehad. Keuls had als doel om deze meisjes een kans te geven om hun leven weer op de rails te krijgen, dit door men de verrotte waarheid te laten zien van zo’n iemand. En of het nou mede door dit boek komt of niet, het is al een stuk beter geregeld met instanties die mensen zoals Klaartje helpen.

Na het lezen van het boek kun je gerust concluderen dat het boek zijn beoogde doel, lezers alert maken op het probleem dat “heroïnehoertjes” hebben, niet heeft gemist. Het boek is een opsomming van ellende; Ze heeft een pleeggezin, pleegvader gaat dood. Heeft een gezin om in de vakantie en weekenden naartoe te gaan, wordt aangerand. Komt eindelijk bij haar natuurlijke familie terecht, wordt verslaafd hoertje, om even wat te noemen.

Het is een interessant boek om te lezen en je te laten beseffen dat jij als lezer nog wel een goed leven hebt. Maar om nou te zeggen dat het boek leuk is om te lezen? Nee. Deprimerend en jammer genoeg reëel, al helemaal in de tijd dat het is gepubliceerd. Als je even lekker een boek wil lezen, raad ik niet aan om hier aan te beginnen. Als je mij nu zou vragen of ik het boek zou aanraden? Ja. Niet omdat het leuk is om te lezen, maar interessant. Het geeft je een ander beeld van hoe boeken geschreven kunnen worden.

Kortom, een opsomming van ellende in een verrot leven van een heroïne verslaafd hoertje dat zijn sterke boodschap goed overbrengt en aan te raden is om te lezen, puur om het feit dat het interessant is om te zien hoe de stijl en de boodschap van het boek je aan het denken laat zetten en concluderen dat jij het wel goed hebt, in je stoel, een boek lezend, bij de haard, met in je andere hand een kop koffie.